Christien (42) heeft al een lange carrière als toiletjuf achter de rug, en ze peinst er niet over ooit te stoppen, ondanks de hoge druk van buitenaf. ‘De wc is een plek waar men gestrest binnenkomt. Zodra de druk van de ketel is zijn de mensen zeer vriendelijk. Het is de gezelligste baan van de wereld!’ Wij mochten even meegluren in haar wereld vol toiletpapier en kleingeld.

Een fictieve reportage door Fleur Bodt

Als we bij de werkplek van Christien aankomen staat er een kleine rij voor de ingang. Het geluid van handendroogblazers en spoelbeurten overstemt de mu- ziek die uit de radio op Christien’s tafel komt. Als ze ons ziet steekt ze joviaal een hand op. ‘Ik kom zo bij jullie, even dit hokkie afmaken!’ Met dweil en emmer onder haar arm verdwijnt ze de hoek om.

We bevinden ons naast de eetgelegenheid van een Oerhollands warenhuis dat bekend staat om haar broodjes warme worst. De onmiskenbare geur van deze worsten vermengt zich met de frisse citroenlucht die rond de toiletten hangt. Een dun muurtje vormt de scheidingslijn tussen de keuken van het restaurant en Christien’s werkplek.

‘Het is spitsuur, jullie komen precies op tijd.’ Christien heeft een ferme handdruk en biedt ons direct haar stoel aan. ‘Liever niet op de tafel zitten, dan denken de mensen gelijk dat hier alles mag.’

Terwijl Christien een praatje met de wachtende toiletbezoekers maakt, kijken wij eens goed rond. De tegels op de vloer glimmen en nergens is een restje wc-papier te zien. Onder de wasbakken liggen de gele doekjes netjes opgestapeld. De rij met wachtenden dunt uit. Als het na een paar minuten wat rustiger wordt heeft Christien tijd om te praten.

‘Dit vind ik nou het leukste gedeelte van mijn werk. Lekker die drukte om me heen. Mensen die hier gespannen binnenkomen en na een paar minuten weer opgelucht vertrekken. En er is altijd tijd voor een praatje, als ik niet aan het schoonmaken ben natuurlijk.’

Een man op leeftijd steekt Christien bij het verlaten van de wc een briefje van vijf toe. ‘Voor de jongedame,’ fluistert hij. ‘Wat een charmeur,’ zegt ze lachend.

Als hij weg is kijkt ze ons aan en vertelt: ‘Dit is waar ik het voor doe. Niet het geld hoor, maar voor het contact met de mensen. Zo ben ik ook in dit werk gerold. Mijn carrière begon eigenlijk als thuishulp. Daar kon ik de twee dingen doen die ik het liefste doe: lekker kletsen met de mensen en ondertussen de boel schoonmaken. Ik merkte dat mijn aanwezigheid meer inhield dan een uurtje de schoonmaakhulp spelen. Mensen houden van een praatje, ze willen hun verhaal kwijt.’

Dat ze na haar baantje als thuishulp in de toiletten- branche is gerold was een logisch vervolg. ‘Ik merkte dat badkamers mijn favoriete plek werkplek waren. Daar poetste ik de spiegels en de wastafels terwijl ik door de openstaande deur met de bewoners bleef kletsen. Vaak nam ik ook kleine dingen voor ze mee; zeepjes voor op de wastafel, vochtig toiletpapier voor mijn oudere klanten. Dat vonden ze mooi, het maakte die vaak kille ruimte wat huiselijker.’

Vaasje met bloemen

In de wc’s waar ze nu werkt mag ze helaas geen dingen ophangen. ‘Dit bedrijf vind dat het ophangen van een kalender, of het neerzetten van een vaasje met wat bloemen in de hokjes uitnodigt tot vandalisme en vernieling. Ik heb er flink wat discussies over gehad, maar helaas, regels zijn regels.’

Gelukkig mag Christien op haar eigen tafel wel van alles neerzetten. Zo staat er een ingelijste foto van haarzelf die de hand schudt met een voormalig minister van binnenlandse zaken. ‘Die man was zó onder de indruk van mijn schoonmaakwerk dat hij graag met me op de foto wou.’ Het valt ons op dat de mensen na het doneren van wat kleingeld een schaaltje met snoepjes voorgehouden krijgen van Christien. ‘Ze mogen er alleen een pakken als ze hun handen goed hebben gewassen! Daar let ik wel op, het moet een schone zaak blijven.’

Het optimisme waarmee Christien haar werkplek bezet is niet zo vanzelfsprekend. ‘Mijn vorige wc’s ben ik kwijtgeraakt aan de crisis. Toen Nederland’s bekendste warenhuis vorig jaar failliet ging was dat wel even schrikken. Ik heb ruim tien jaar met veel plezier voor ze gewerkt. Mijn man stelde na mijn ontslag voor dat ik het wat rustiger aan zou doen. Maar daar wou ik niets over horen! Ik ben direct gaan solliciteren bij andere warenhuizen. Momenteel werk ik hier vier dagen per week. De plek wordt zó druk bezocht dat ik me niet kan voorstellen dat ze me kunnen missen.’

Veranderingen
Maar er blijft toch altijd die angst dat ze op een dag vervangen zal worden. ‘Je ziet dat de technologische veranderingen steeds sneller gaan, ook binnen het sanitaire werkveld; zelfreinigende toiletten, poortjes voor de wc waar je een muntje in moet gooien om binnen te kunnen komen, dat is niet gezellig. Al die onpersoonlijke technologie, daar moet ik niks van hebben. Geef mij maar de oude methode: gewoon een tafel met daarachter een toiletjuf die ieder uur even de wc’s naloopt en waar nodig een doekje over de bril haalt.’

Tijdens het praten vult Christien haar emmer bij onder de kraan. ‘Daarover gesproken, zo te ruiken is het weer tijd voor mijn rondje. Het restaurant hiernaast zorgt voor een goede klandizie met hun broodjes.’